GEDICHTEN VAN DE HEER B. KUIJT (Gebundeld)

 

Voor de liefhebbers van de gedichten van de heer B. Kuijt hier een nieuw gedicht “GOD IN UW LEVEN” . We hebben inmiddels al diverse gedichten van de heer en mevr, Kuijt mogen ontvangen en misschien mogen we nog meer reeds door mevr. R. Kuijt voorgedragen gedichten hier op de website plaatsen, daarom lijkt het de redactie goed de gedichten te bundelen en onder de kolom ‘UITGELICHT’ te plaatsen. Niet alleen staat het werk dan bij elkaar maar is ook eenvoudiger de gedichten terug te zoeken.

Het is hier al meer aangegeven, de voordracht van mevr. Kuijt wordt hier uiteraard wel gemist maar de gedichten zijn er niet minder om. 
Onze dank blijft natuurlijk groot aan het echtpaar Kuijt dat we al zoveel mooie gedichten mochten plaatsen


Een gedicht van de heer B. Kuijt uit zijn eigen gedichten bundel.

 

 

44

’t Gezin.

‘t Gezin, dat is de hartslag van de natie, 
want daaruit welt de bron van inspiratie. 
De harmonie in het gezin al jong geleerd, 
wordt straks in groot verband geprojecteerd. 
De man, als echtgenoot en kindervriend, 
Die voor het gezin het daaglijks brood verdient.
De vrouw, die als hij thuiskomt op hem wacht. 
De moeder, die het kinderleed verzacht. 
De vader, die het helpt met raad en daad,  
zodat het later sterker in het leven staat. 
Zo deelt de vrouw de zorgen met haar man. 
Maar ook de vreugd geniet men samen van. 
Een hechte band, in plaats van eenzaamheid, 
waartoe emancipatie zeker leidt. 
’t Gezin, dat eiland in de volkrenzee, 
Dat is voor menig kind, bij storm de veil’ge ree.

 33

DE TIJD

De tijd is ons gegeven 
zolang wij zullen leven. 
En ieder heeft zijn eigen plan, 
maar niemand weet het eind ervan. 
Gebruik dan nu die kost’bre tijd 
en sterf straks niet onvoorbereid.

Wij hebben de tijd gekregen; 
dat is een rijke zegen. 
Wat hebben wij ermee gedaan? 
Hoe bent u er mee omgegaan? 
Bedenk, het is genadetijd, 
zolang ge nog in’t leven zijt.

De tijd zal nimmer stilstaan, 
maar voor ons komt er’n eind aan. 
En ieder mens heeft dit gemeen, 
de tijd glipt door zijn vingers heen. 
Totdat voorgoed de tijd verglijdt, 
en overgaat in d’ eeuwigheid

De tijd ons toegemeten, 
God zal ons nooit vergeten. 
Zie, hoe Zijn Zoon eens smarten leed 
toen Hij voor ons verzoening deed. 
Blijf voor Zijn roepstem toch niet doof 
en kom vandaag nog tot geloof!!!

Valkenburg 
                             B. Kuijt.

 DE TOREN VAN BABEL

De toren van Babel, dat oude verhaal
verteld door de volken in menige taal. 
De mensheid van toen, die als God wilde zijn, 
hield hemel en aarde voor eigen domein. 
Maar werd in zijn streven naar kennis en macht, 
terecht door zijn Schepper tot de orde gebracht.

Die toren van Babel, die is er niet meer. 
Geen spoor meer te vinden van ’t werk van weleer. 
Alleen jog de basis, die is blijven bestaan. 
’t Fundament van het bouwwerk dat is niet vergaan. 
De drift om te bouwen, die leeft in ons voort. 
We hebben geen eerbied voor God en zijn woord.

Die toren van Babel, was vroeger van steen.
En ’t volk dat hem bouwde, dat voelde zich één. 
De toren van heden berust op techniek. 
En WEST bevecht OOST om de eer van de piek.
Zo betwist men elkander ’t bezit van ’t heelal,  
tot de maat van Gods toorn weer vol wezen zal.

De toren van heden is breder dan toen. 
Men wil het nu beter en vakkundiger doen. 
De medische wereld bouwt ook aan een muur 
en werkt aan ’t beheersen van Moeder Natuur. 
O God in de hemel, verwar onze taal, 
voordat straks Uw oordeel ons treft allemaal.

Valkenburg,   B. Kuijt. 

16


TALENTEN

Een zeer rijk Heer ging eens op reis. 
Hij liet Zijn knechts alleen .
De ene knecht was trouw en wijs. 
Hij werkte als voorheen.  
En de talenten die hij kreeg, 
die werden weldra meer. 
‘t Vermogen van zijn Heer dat steeg. ••• 
Ben ik die knecht soms, Heer? 

De tweede knecht kreeg ook zijn part  
en nam het dankbaar aan. 
Hij dacht, ik werk en woeker hard. 
Mijn Heer kan rustig gaan. 
Zo toog ook hij dus aan het werk. 
En handelde terecht. 
Zijn aandeel werd toen dubbel sterk ••• 
Ben ik soms deze knecht? 

De derde knecht begroef de schat. 
Zo was hij dom en lui. 
Hij dacht, mijn Heer heeft altijd wat. 
En steeds een boze bui. 
Wanneer Hij thuis komt na een tijd,  
Geef ik hem Zijn schat wel weer. 
Ik hoop maar op barmhartigheid ••• 
Die knecht ben ‘k toch niet Heer?

Zo blijft dan deze wijze raad ‘ 
k Gebruik mijn gaven wel. 
Met alles wat ten dienste staat. 
Mijn heil staat op het spel. 
Want als mijn Heer straks wederkeert 
En ik was lui en dom,, 
heb mijn talent niet goed beheerd ••••  
Voorwaar, dan kom ik om !!

 21

 ZOUT

De mens die moet, zoals wij weten,

voor zijn gezondheid blijven eten.

Hij voedt zichzelf met vlees of vis,

of met iets dat voorhanden is.

Soms is er weinig, soms te veel,

dan legt hij weg, bewaart een deel.

Maar hoe mijn vriend, zo vraagt u mij, 

houdt hij de zaak bacterievrij? 

Zie, daar is één onmisbaar ding

en nochtans is de prijs gering.

Toch waardevol, want ’t dient zo vaak

tegen bederf en voor de smaak.

Daar is het onvolprezen zout

dat d’eetwaar onbedorven houdt.

’t Eenvoudig zout helpt in de nood,

en ’t resultaat is wondergroot….

 

Zo ook in’t menselijk verband.

In binnen- en in buitenland.

Bedenk o christen, toch uw waarde.

Want zie, gij zijt het zout der aarde.

’t Is van belang in deze tijd

van wereldgelijkvormigheid,

dat’t zout dan zelf niet smaakloos is,

want dan bederft de zaak gewis.

Niet laf, niet wee, of suikerzoet,

maar zoutend zout, dan houdt u’t goed.

 

                                               Valkenburg

 

                                               B. Kuijt. 



50

 

PAASFEEST

 

Aan de blijdschap van Pasen ging heel wat vooraf.

Want eerst kwam de dood en het donkere graf.

Jezus ‘lijden begon al in Bethlehems stal,

want daar was een voerbak Zijn op en Zijn al.

Aan ’t eind van Zijn leven, ’t gemene verraad.

En op de Olijfberg waar elk Hem verlaat.

 

Door de zonden der mensen volkomen mismaakt,

heeft Hij eindelijk de kreet:” ’t Is volbracht,” toen geslaakt.

Voor ’t kwaad in mijn leven onderging Hij die straf,

al de boosheid die ‘k deed nam Hij mee in het graf,

gewikkeld in doeken, door ’t bloeden bevlekt.

En de steen die er voor kwam, heeft alles bedekt.

 

Bij Zijn vrienden op aarde was bittere rouw.

Maar bij God in de hemel, werd gejuicht om Zijn trouw.

Het graf werd geopend na dagen van smart;

en Jezus, mijn Heiland, vernieuwt nu mijn hart.

Het vuil van de zonde bleef achter de steen.

Mijn hart is gereinigd door Jezus alleen.

 

55

 GOD IN UW LEVEN

Als uw dagen donker zijn, 
als u wordt gekweld door pijn, 
bedenk dan maar dat God het weet. 
En dat Hij u niet vergeet,   
Jezus’ offer aan het kruis,  
bracht de zon weer bij ons thuis.

Lijkt het leven u te zwaar,  
dreigt er aan alle kant gevaar, 
weet dan dat God u bewaakt. 
En uw lasten draaglijk maakt. 
Hij neemt zelf het grootst gewicht. 
zo dat Hij uw last verlicht.

Heeft u in’t geloof gefaald, 
van de kudde afgedwaald, 
Jezus zoekt u overal. 
Brengt het schaap weer in de stal. 
Hij laat niet verloren gaan, 
wie zij roepstem heeft verstaan.

Is uw leven onbewust 
zonder God en toch gerust, 
haast u, want de tijd is kort. 
Zorg dat gij uw hart uitstort. 
Nu nog is’t genade tijd. 
Daarna komt de eeuwigheid.

  B. Kuijt.
Valkenburg

51
VERTROUWEN.

Als Jezus eens niet was opgestaan 
en later ook niet ten Hemel gegaan. 
Ja, ijdel zou ons geloof dan zijn. 
Het doel van ons leven slechts schone schijn. 
Maar Gode zij dank, dat ik zeker mag weten, 
dat ‘k alle twijfel voorgoed kan vergeten. 
Het hoogste geluk is bij Jezus begonnen, 
Hij heeft ook voor mij de dood overwonnen. 
Geen  satan of dood heeft Hem kunnen buigen, 
de discipelen hebben dat mogen getuigen. 
En eens, toen ze ook weer tesamen waren, 
toen zagen ze hun Meester ten hemel varen. 
Zij staarden met grote verbazing omhoog, 
totdat een wolk Hem onttrok aan hun oog. 
Zo komt Hij eens weer, op de jongste dag, 
waarnaar ieder gelovige uitzien mag. 
Want Jezus bereidt in de hemel een woning,                                                                                             waar de arme zondaar mag heersen als koning
.

 

Valkenburg 
                             B. Kuijt.

 

 

 

 

 

 

 

Uitgelicht Overzicht